"Flexibel wonen en biobased bouwen wordt de nieuwe standaard."

Volgens Stadmaker Jelte Glas is de nieuwe woonconsument in opkomst. Flexibel wonen en biobased bouwen wordt de nieuwe standaard. Wat zijn de mogelijkheden nu en in de toekomst?

Jelte droomt van een mooie verantwoorde woning. Net zoals iedereen. Echter zijn de prijzen in veel grote steden hoog op de particuliere markt en de wachttijd voor sociale huur lang. Daarom zoekt Jelte naar alternatieven. Samen met Arthur van der Lee start hij Woonpioniers, waar ze door middel van verschillende projecten een maatschappelijke invulling proberen te geven aan leegstand. Ook bouwt hij de eerste mobiele, biobased woning van Nederland: de Porta Palace. Momenteel woont Jelte in dit tiny house op FabCity, een tijdelijke zelfvoorzienend stadje op de Kop van Java. De Porta Palace is een tussenstation: Jelte wil in de toekomst wonen in een tiny village met 5-10 woningen rondom een oude boerderij of gebouw met buitenruimte waar gemeenschappelijk kan worden gekeken energie, water en riolering.

“Ik had een goede baan, ik verdiende modaal en reed in een leaseauto en toch knaagde er iets.”

Van huurwoning naar caravan

In 2014 besloot Jelte zijn ‘stabiele’ huurwoning in te ruilen voor een caravan in Utrecht, die tijdelijk kon staan in de tuin van vrienden. “Toen ik dit wilde opgeven bij de gemeente kon ik een postadres krijgen, net als daklozen vaak hebben, maar geen woonadres. Dan hoefde ik ook geen gemeentebelasting meer te betalen. Maar dat wilde ik juist wél, ik woonde nu eenmaal in Utrecht en maakte gebruik van de voorzieningen. Ik heb uitgelegd dat ik overal en nergens woon en me niet wil binden aan een duur huis. Want wat zijn je opties als starter? Particulier huren is duur, wachtlijsten voor een sociale woning zijn lang en een hypotheek wilde ik niet afsluiten. Uiteindelijk heb ik een persoonlijke regeling kunnen treffen met de gemeente om in de caravan te kunnen blijven.”

“Toen dacht ik, als dat kan, dan kan er nog veel meer.”

Moet niet, mag wel

Jelte wil bewustwording creëren over dat wat ieder mens gebruikt qua energie en water, maar ook qua ruimte en wat je hiervan wilt delen. “Flexibeler willen wonen wordt denk ik een nieuwe trend. In mijn ogen zijn jongeren steeds flexibeler met alles. Het is al normaal om je auto te delen, straks wordt het ook normaler iets van je woning te delen; dit kan je tuin zijn maar ook je woonkamer. Ik denk dat we ons moeten richten op teruggeven, delen en gaan kijken wat we echt nodig hebben qua wonen.”

Creatief wonen zorgt voor veel contact met andere mensen op een ongedwongen manier. “Het hoeft niet, maar het kan wel. Het is heel fijn soms even je dag met iemand door te nemen; soms heb je iets heftigs meegemaakt en dan kom je alleen thuis. In een tiny village, waar toegang is tot dat wel delen, dan heb je altijd de keuze contact te maken met anderen, dat vind ik interessant. Ik noem het ook wel ‘het social design van nieuw wonen’.” Volgens Jelte maakt dingen delen met een groep je sterker en breder. “Ik heb in studentenhuizen gewoond en daar verrijk je jezelf mee. Andere mensen doen andere dingen en daar leer je van. Wel de ruimte te hebben om anderen op te zoeken, maar alleen als je dat wilt.”

De wereld wordt flexibeler.”

Waarom creatief wonen?

Volgens Jelte sluit creatief wonen aan bij de huidige individualistische samenleving. “In Nederland is een stijgend aantal eenpersoonshuishoudens met de bijbehorende prijs. Mensen zijn individualistisch en alleen maar hebben naar mijn idee ook behoefte aan delen. Dit delen past nu niet in de gebaande wegen.” Afgelopen jaar startte hij een tijdelijke bedstee in Arnhem: “Deze creatieve oplossing schuurde een beetje tegen de regels, maar het was zo gaaf dat mensen van 74 via Airbnb bij ons boekten. Op deze manier deelden we ook iets qua wonen, maar dan op een ander level.”

Jelte vindt de huidige woonsystemen gedateerd. “Ik heb vrienden die 1200 euro betalen voor een woning, daarvoor moeten ze dus een goede baan hebben waar ze drie dagen moeten werken om die woning te betalen waar je niet bent. Dit is een maatschappelijk probleem want wanneer dit lang door gaat bouw je niks op en investeer je in niks. Daar maak ik me wel zorgen om in deze generatie. Je wilt ook niet in de sociale huurwoningen blijven zitten omdat dat lekker goedkoop is, je moet doen wat bij jou past.”

Behoefte aan experimenteren met ruimte

De Porta Palace is gebouwd op basis van de minimale grootte: de tiny house is gedimensioneerd en gebouwd op afmetingen van een vrachtwagen en heeft een gewicht van 3500 kilo. “We hebben dit allemaal zelf gebouwd met zijn drieën om te laten zien dat het wonen anders kan. We willen meer experimenteer ruimte van de overheid krijgen. In Denemarken en Zweden doen ze interessante pilots op dit gebied, daar pleiten wij ook voor. Ik vind dat we het gewoon een keer moeten proberen en na vijf jaar met elkaar om de tafel gaan om te kijken; wat ging er goed, en wat ging er fout. Want er horen fouten bij experimenteren.” Jelte woont nu drie maanden in de Porta Palace in het kleine dorpje FabCity. “De volgende stap is misschien wel drie, of vijf of zelfs tien jaar in dit huisje op dezelfde plek te wonen, en ik ben benieuwd welke gemeente als eerste zijn nek uitsteekt om dit mogelijk te maken!”

Betrokken stadmakers
Jelte Glas
Initiatiefnemer Woonpioniers
reacties
reacties op dit artikel
Er zijn reacties op dit artikel
reageer
in Amsterdam
reacties op dit artikel
Benieuwd wat er in New Europe gebeurt? Citiesintransition.eu