"De Binckhorst is een proeftuin voor de toekomst"

Sabrina Lindemann heeft een achtergrond in de kunsten, maar noemt zichzelf nu urban curator. Met haar Mobiel projectbureau OpTrek onderzoekt ze stedelijke transitiegebieden en draagt op haar eigen manier bij aan de herontwikkeling van deze gebieden. Ze gebruikt bestaande kwaliteiten en potenties in een gebied om nieuwe ontwikkelingsimpulsen op gang te brengen. Doordat ze onafhankelijk opereert en niet in opdracht van bijvoorbeeld de gemeente kan ze de bewoners en ondernemers vanuit een vrije positie benaderen. Daardoor kan ze er goed achter komen welke mogelijkheden en waarden het gebied al heeft. Door verschillende partijen met elkaar te verbinden creëert ze een netwerk waarin samen aan de ontwikkeling van een gebied gewerkt wordt, met positieve effecten voor de lange termijn.

Hotel Transvaal

Sabrina’s stap naar urban curator begon toen ze in de Schilderswijk en de wijk Transvaal in Den Haag ging wonen. Daar was de gemeente bezig met grootschalige stadsvernieuwing, wat inhield dat grote delen van deze wijken werden afgebroken en nieuw gebouwd. De dagelijkse confrontatie met de stadsontwikkeling leidde tot de conclusie om daar zelf actief in te worden. Ze zag dingen verdwijnen waarvan zij dacht dat die belangrijk waren voor het weefsel van de stad, zoals sociale netwerken of iconische gebouwen. Ze wilde onderzoeken hoe je een gebied op een andere manier zou kunnen ontwikkelen, niet vanuit een tabula rasa mentaliteit, maar vanuit de bestaande stad.

“Hoe kan ik daar als kunstenaar een rol in spelen, niet op de manier dat ik er een autonoom beeld van maak, maar hoe kan ik vanuit mijn andere kijk en expertise een bijdrage leveren?”

Het antwoord daarop wist ze toen nog niet, dus richtte ze in 2002 Mobiel projectbureau OpTrek op, dat dient als laboratorium voor experimenten met andere wijzen van stadsontwikkeling. Ze vroeg zich af hoe ze bewoners en ondernemers kon betrekken en hoe je verschillende stakeholders beter met elkaar kunt verbinden. Wat ga je dan uiteindelijk samen doen? Welke stappen zet je, waar loop je tegen aan en hoe los je het op?

Met het project Hotel Transvaal verklaarde OpTrek de hele wijk Transvaal tot hotel. Leegstaande woningen werden gebruikt als hotelkamers en bestaande voorzieningen in de wijk worden door dit andere perspectief op eens de voorzieningen van het hotel. Eigenaren van winkels en restaurant, met verschillende achtergronden, kwamen met elkaar in contact, omdat zij opeens ‘medewerkers’ van het hotel waren geworden. Wijkbewoners werden gastheer en gastvrouw. Door op een simpele manier de perspectief over de wijk te veranderen ging de dialoog over en binnen de wijk niet meer over problemen, maar werd de gastvrijheid van de wijk benadrukt en dat iedereen er welkom was.

Binckhorst vol potentie

Na acht jaar ervaring te hebben opgedaan in Transvaal ging Sabrina in 2011 aan de slag in het industriegebied de Binckhorst, Den Haag. De gemeente had grootschalige bouwplannen voor dit gebied: er zouden 7000 woningen gebouwd worden. Vanwege de financiële crisis gingen die plannen uiteindelijk niet meer door. De gemeente besloot toen het gebied ‘organisch’ te ontwikkelen. Dat vond Sabrina een interessant uitgangspunt, zij wilde graag de praktijkervaringen die ze in de Transvaal had opgedaan op een meer strategische manier toepassen in de organische ontwikkeling van de Binckhorst.

“Ik vroeg me af: is er een andere, meer inclusieve vorm van gebiedsontwikkeling mogelijk? En is het mogelijk om als burger en semi professional daadwerkelijk een rol te kunnen spelen in de ontwikkeling van zo’n gebied?”

Ze vestigde zich met haar kantoor in de Binckhorst en praatte met zoveel mogelijk mensen. Zo kwam ze er achter dat er veel potentie in het gebied aanwezig was en dat veel ondernemers wat wilden doen, maar dat ze elkaar niet goed kenden. Sabrina begon daarom met het organiseren van een laagdrempelig platform waarvan iedereen gebruik kon maken in de vorm van maandelijkse netwerkbijeenkomsten. Het doel hiervan was om een community binnen de Binckhorst op te bouwen. Op die manier konden mensen elkaar leren kennen en konden er samenwerkingen ontstaan, waardoor de lokale economie weer in beweging kon komen. Sabrina heeft daarom ook het project ReSourceCity opgezet waarmee zij door het leggen van slimme verbindingen tussen verschillende bedrijven nieuwe producten en diensten ontwikkeld. Dit proces creëert meerwaarde voor het gebied. De netwerkbijeenkomsten zijn erg succesvol en het grote netwerk dat er in vijf jaar uit voort is gekomen is volgens Sabrina het fundament voor de ontwikkeling van de Binckhorst. Haar rol daarbij is onder ander het faciliteren en mogelijk maken, luisteren wat er nodig is en mensen activeren.

“Mijn rol is afwisselend volgend of sturend, dus aan de ene kant mogelijk maken en aan de andere kant agenderen en concrete acties uitvoeren.”

Om die rol het best uit te kunnen voeren is het voor Sabrina erg belangrijk om op eigen initiatief te werken, en niet in opdracht van de gemeente of een andere organisatie, omdat ondernemers of bewoners dan eerder geneigd zijn haar te vertrouwen. Het is dan duidelijker dat zij niet werkt vanuit het belang van een gemeente (die ook eigenaar is van vastgoed) maar vanuit haar interesse om samen met de ondernemers het gebied te ontwikkelen.

“Er gaan meer deuren open als ik daar op eigen initiatief rondloop in plaats van in opdracht van bijvoorbeeld de gemeente.”

Voor Sabrina is de Binckhorst een testcase waar ze kan onderzoeken of het lukt om ondernemers, gemeente en andere stakeholders op zo’n manier aan elkaar te koppelen dat er een vruchtbare kruisbestuiving ontstaat tussen top-down en bottom-up.

“De Binckhorst moet zich opnieuw gaan uitvinden. Inhoudelijk, maar voor een groot deel ook fysiek door grote infrastructurele ingrepen. Daarom zien we het gebied als proeftuin voor de toekomst.”

Een gereedschap om deze samenwerking te versterken en bruggen te bouwen tussen verschillende stakeholders is de Ronde Tafel Binckhorst. Dit is een uitbreiding van het laagdrempelige platform waar zij mee is begonnen. Aan de tafel zitten allemaal deelnemers die echt een rol willen spelen in de ontwikkeling van het gebied. Hier zit onder andere de gemeente, ontwikkelaars (mits ze een positie in het gebied hebben) en kleine en grote bedrijven. Er wordt gewerkt in werkgroepen met verschillende thema’s of verschillende deelgebieden van de Binckhorst. Binnen de werkgroepen worden ideeën en concrete plannen ontwikkelt. Aan de tafel is het telkens een oefening om het persoonlijke belang te overstijgen en in plaats daarvan ook naar het collectieve belang toe te werken. Vanuit die werkgroepen zijn inmiddels daadwerkelijk ideeën in beleidsplannen van de gemeente opgenomen. Dat was een belangrijke test, met positief resultaat, de stakeholders zagen dat er echt wat met hun ideeën gedaan werd.

De Binckse Belofte

In gesprekken die Sabrina in 2011 heeft gevoerd met de ondernemers in de Binckhorst kwam naar voren dat de gebruikers van het gebied een plek misten waar ze elkaar konden ontmoeten en samen een biertje konden drinken. Vanuit dat idee en vanuit het project ReSourceCity ging Sabrina een experiment aan om te kijken of de ondernemers open stonden voor co-creatie. Ze gingen het bier zelf maken. De ambitie was om niet zomaar een product op te markt te zetten, maar met het bier een lokale ambassadeur te creëren die geworteld is in de bestaande identiteit van de Binckhorst. Sabrina organiseerde daarom workshops waarin zij aan de ondernemers de vraag stelde: Hoe smaakt de Binckhorst? En hoe breng je dat over naar een product als bier? Uiteindelijk is dat in samenwerking met het grafische bureau ‘WE ARE AMP’ de ‘Binckse Belofte het werkbier van de Haagse Binckhorst’ geworden, waarbij het etiket (gemaakt van schuurpapier) , de typografie, kratje en zelfs de glazen de sfeer en mentaliteit van Binckhorst ademen. Daarnaast leverde dit project naast het bier ook nog iets anders op; de twee jonge bierbrouwers (Kompaan) die betrokken waren bij de workshops vestigden zich in het gebied.

Vanuit ReSourceCity heeft Sabrina onder ander opdracht gegeven aan Jan Jongert van Superuse Studios om verder te onderzoeken welke producten je nog zou kunnen ontwikkelen in de Binckhorst. Jan Jongert heeft toen een lokale bakker gekoppeld aan de bierbrouwerij. Met het uitgekookte graan (bierbostel) bakt de bakker nu een bijzonder brood. Een mooi voorbeeld van circulaire economie waarin het afval van het ene bedrijf de grondstof voor een ander kan worden. Met dat brood kan Sabrina heel gemakkelijk aan ondernemers in de Binckhorst laten zien wat circulaire economie op bedrijfsniveau kan zijn.

“Dat brood helpt dat circulaire gedachtegoed op een hele snelle en simpele manier dichterbij de ondernemers te brengen.”

Dit project laat heel goed zien op welke manier Sabrina waarde probeert te creëren in een gebied. In dit geval creëerde ze vanuit ReSourceCity in samenwerking met Jan Jongert en ondernemers een nieuwe bedrijfskans voor een onderneming. Ook de verschillende netwerken die zij heeft opgebouwd creëren waarde; mensen ontmoeten elkaar, leren elkaar kennen, of ontwikkelen zelfs samen plannen, waardoor de leefbaarheid in het gebied verbeterd, meer draagvlak ontstaat voor verandering, of het gebied zelfs veiliger wordt omdat men weet wie achter welke gevel aan het werk is.

Hoe meet je geluk?

Voor Sabrina is het belangrijk om waarde te creëren binnen een gebied, maar daarnaast ook om die waarde te kunnen benoemen. Volgens haar is dit belangrijk omdat het helpt bij het communiceren van wat je samen hebt bereikt binnen een gebied maar ook om mogelijke investeerders te vinden.

“Voor andere mensen is waarde vaak vaag, vooral als de waarde meer aan de zachte kant ligt.”

Om erachter te komen op welke manier ze verschillende waarden het beste kan benoemen en communiceren doet ze hier al een aantal jaar onderzoek naar. Zo heeft zij bestaande kwalitatieve en kwantitatieve meetmethoden onder de loep genomen die naar haar idee toepasselijk zijn voor haar werk in de Binckhorstzoals een MKBA (Maatschappelijke Kosten en Baten analyse), of Effectenarena alsook methoden waarmee je juist zachte waarden zoals gelukin kaart kunt brengenDie methoden hebben haar al een aantal handvatten opgeleverd om beter over te kunnen brengen wat de waarde van haar manier van gebiedsontwikkeling precies is. Een methode is bijvoorbeeld de ‘nulvraag’, waarbij je een vergelijkbaar gebied waar niemand ingrijpt vergelijkt met een ander gebied, waar je wel ingrijpt. Je kijkt dan goed naar de verschillen en benoemt die zo nauwkeurig mogelijk. Op die manier zie je welke waardecreatie sommige ingrepen hebben opgeleverd.

Wanneer je bijvoorbeeld geluk wilt meten, kun je (volgens Frederike Roetgerink die Sabrina voor haar onderzoek heeft gesproken) naar de mate van levensvaardigheid kijken die iemand heeft en of iemand grip heeft op zijn omgeving. Hoe meer vaardigheden om het eigen leven te kunnen leven en hoe meer grip op de omgeving hoe gelukkiger mensen zijn. Om geluk te kunnen meten kun je dus in kaart brengen of jouw ingrepen in een gebied de levensvaardigheid vergroten of de omgeving verbeteren. “Dat ondernemers en bewoners in staat zijn zelf bepaalde beslissingen te nemen, en zelfstandig verantwoordelijkheid te nemen voor hun leven. Het gaat om een soort empowerment”

Als mensen dus meer grip hebben op de leefbaarheid van hun wijk of gebied, voelen ze zich beter en is er vaak ook meer sociale cohesie, omdat mensen meer met elkaar in contact staan. Dit kun je bijvoorbeeld concreet communiceren door aan de hand van enquêtes of interviews of door op een schaal van 1-10 te meten.

Het voordeel van op een systematische manier kijken naar de waardecreatie binnen een gebied ligt er volgens Sabrina in dat ze zich bewuster werd van de taal die ze met verschillende stakeholders gebruikt en van de verschillende rollen die ze in het gebied vervult. Soms heeft ze bijvoorbeeld meer de rol van kunstenaar, soms die van verbinder of pionier.

“In elke rol heb ik een andere taal, en andere stakeholders waar ik me toe verhoudt.”

Sabrina werkt op zo’n manier dat het gebied sterk en veerkrachtig wordt, zodat er uit het netwerk zelfstandig initiatieven en activiteiten ontstaan die de ontwikkeling van het gebied beïnvloeden, waardoor zij op den duur niet meer nodig is. Sabrina draagt het gebied een warm hart toe en is blij verrast door het enthousiasme van de ondernemers die ze daar is tegengekomen, mensen die zich echt willen inzetten voor het gebied.

“Als je met een helikopter over Den Haag zou vliegen, en je zou kunnen zien waar de denk- en maakkracht zit, dan zou je zien dat die in de Binckhorst zit. Er zit daar een waanzinnig potentieel voor de stad.

Betrokken stadmakers
Sabrina Lindemann
Projectleider Mobiel projectbureau OpTrek
reacties
reacties op dit artikel
Er zijn reacties op dit artikel
reageer
reacties op dit artikel
Benieuwd wat er in New Europe gebeurt? Citiesintransition.eu