Fietsend door Nederland #2: Buurtcomposteren in Den Haag

Belg Stefaan gaat op zijn fiets langs initiatieven door heel Nederland

Op welke manier kunnen de burgerschapspraktijken in Nederland Vlaanderen inspireren? Met die vraag doorkruist de Vlaming Stefaan de 12 Nederlandse provincies om 12 interessante initiatieven te bezoeken, in kaart te brengen en naar Vlaanderen te vertalen. Hij legt zijn inspiratie vast op zijn blog Gluren bij de Buren.

Buurtcomposteren met de CompostBakkers in Den Haag

Jan Morsch is zo’n gedreven verteller dat we de geplande biologische lunch overslaan. In Den Haag, wijk Mariahoeve om precies te zijn krijg ik niet alleen een pak verhelderende informatie over BuurtComposteren, we gaan ook ruiken aan het zwarte goud, er met de handen doorwoelen, met antropologe Marianne van de Spinozahof babbelen, door het Haagsche Bos fietsen, Jan toont me ook nog het torentje en het Mauritshuis.

Het doel van de CompostBakkers laat zich compact samenvatten in enkele zinnen: Compost maken dicht bij huis, met als doelen een betere bodem, minder afval en meer sociale cohesie. Dat is wat de Compostbakkers willen bereiken met hun project Buurtcomposteren. Samentuinen, buurttuinen en andere tuinprojecten kunnen zich aanmelden voor een inzamelpunt en compostbakken in hun buurt.

Verrassend: in den beginne gingen de CompostBakkers zelf gluren bij de buren. Bij VLACCO, ze kennen Kristof die in Lokeren woont. Nu komen de Vlamingen naar Den Haag om te leren van dit interessante project.

© Stefaan Segaert

De beleidscontext is een beetje bizar maar elk nadeel heb ze voordeel, placht Cruijf zaliger te zien. Sinds de jaren tachtig werd GFT gescheiden opgehaald maar daar zijn de afvalophaaldiensten van afgestapt. De CompostBakkers probeerden dit aan te grijpen om ten behoeve van allerlei collectieve tuinen zelf compost in te zamelen. Dit is dan ook de core-business van wat ze sinds enkele jaren doen. Oorspronkelijk in de Stichting Tuinen van Mariahoeve maar anno 2017 al op 21 plaatsen. Het gaat hard met de CompostBakkers. Ze winnen aan geloofwaardigheid en worden door ambtenaren en politici  meer en meer herkend en erkend.

Buurtcompostering is intussen een fijne realiteit in Delft, Leidschendam, Zoetermeer, Lisse, Rijswijk, een elftal projecten in Den Haag zelf, verspreid over de hele stad. De tuinen luisteren naar mooie namen als de Zeeheldentuin of de tuin verbonden aan de Markerskerk, daar is dan bijvoorbeeld de domina de drijvende kracht.

Onze kracht zit in de begeleiding, de zorg, de expertise en de nazorg’, stelt Jan. Vrijwilligers van bestaande tuinen worden opgeleid tot deskundigen in de wondere wereld van de tijgerwormenpoep. De compostering is buurtgericht en dus per definitie lokaal verankerd, kleinschalig, valt niet onder de strikte regelgeving van de milieuwetgeving.

Jan is echt een expert en zei ik al dat hij ook een rasverteller is? Het zaagsel van de stadszagerij? Integreren die handel! De koffiedras van de lokale horeca? Tijgerwormen hebben niets liever. De herfstbladeren vallen a volonté? Straks verstuurt Jan een mail hoe dankbaar deze dwarrelende grondstoffen zijn.

Wat me extra intrigeert is de sociale meerwaarde-creatie. In mensentaal: hoe worden concrete mensen van allerlei gemeenschappen er beter van.

 Het bezoek aan de Lusthof XL, deelwerking Spinozatuin is daar een briljante illustratie van. Marianne steekt meteen van wal, ik ben mijn plooifiets nog aan het vasthaken. Marianne heeft pit, een goed en groot stel hersenen, ze benoemt pijnpunten. We staan te genieten van enkele Turkse vrouwen die pompoen aan het monsteren zijn en uitleg vragen over de bloeiende asters. Ik kijk mijn ogen uit en fotografeer zoveel ik kan. Arne komt binnengewaaid, hij doet me aan Frank Boeijen denken. Hij doet een boekje open over de economische leefbaarheid van dit soort tuinen, hij werkte als chef-kok in vele toprestaurants gedurende 35 jaar, een job waar hij een flinke levensprijs voor betaalde. Nu gooit hij het over een andere boeg en investeert hij zijn culinaire passie en kennis in de Haagse stadslandbouw.

© Stefaan Segaert

In de mail verwoordde Jan het als volgt: ‘Lusthof XL (waarvan de Spinozatuin een onderdeel is)  is meer met sociale, wijkgerichte dingen bezig’.

Het groen is hier inderdaad een middel en geen doel of toch zeker niet het enige doel. Er zijn kwesties/vragen die zowel Jan als Marianne bezighouden en die ze me voor de voeten werpen:

  • Als we echt ernstig willen genomen worden zouden we universiteiten moeten kunnen engageren om in kaart te brengen wat een project als de Spinozatuin van voordelen oplevert op vlak van gezondheid, hoe het sociale cohesie en  levenskwaliteit in een buurt bevordert of zelfs, hoe het concreet bijdraagt aan biodiversiteit.  Pas dan is er kans dat deze kleine projecten kunnen opgeschaald worden.
  • Er zijn grenzen aan het vrijwilligerswerk. We worden voortdurend bevraagd door ambtenaren, politici om mee aan te schuiven, mee na te denken over duurzame modellen, om groepen te ontvangen, door het welzijnswerk die de kwetsbare Hagenaar niet meer bereikt, maar daar staat meestal nada tegenover. Is het normaal dat we voortdurend door goedbetaalde ambtenaren en hulpverleners en cabinetards worden ingeschakeld voor hand-en span- en hersendiensten en daar enkel een vriendelijke handdruk tegenover staat?
  • Hebben projecten als de Spinozatuin vooral niet de functie van uitlaatklep? Zoals er mannen naar de hoeren gaan in de belendende straten of mensen zich schor kelen op Feyenoord? Kan er ook hier ernstig wetenschappelijk onderzoek worden  aan vastgeklonken: wanneer en hoe doen conflicten zich voor en wat kunnen we leren van interessante groepsdynamieken in de Lusthof?

Ik zou hier nog uren kunnen fotograferen en doorpraten met Jan, Marianne of Arne, intussen is Mohamadi (net terug uit Agadir) mee komen aanschuiven.

Vele andere kwesties passeren: kinderen die ontdekken dat compost toch niet naar poep ruikt, over senioren die ook eetbare  bloemen beginnen kweken en eten, over de ambitieuze energiedoelstellingen van de wijk Mariahoeve die in 2025 van het stadsgasnet wil ontkoppeld worden, over de 139 nationaliteiten van Den Haag, over de veelkleurige Haagse stadscoalitie, over het NIET wachten op de overheid maar zelf de partnerstaat van Michel Bauwens uitdagen en dus vorm geven.

De Spinozatuin ontstond uit een opruimactie, groeide door naar een minisamentuin; nu is het iets waar de woningbouwcoöperatie niet meer naast kan kijken. Transitie van onderop die de overheid of maatschappelijke instituties dwingt om anders te kijken naar ruimte, naar samenleven-in-superdiversiteit.

© Stefaan Segaert 

De CompostBakkers denken intussen ook op beleidsnivo mee, zowel stedelijk als landelijk. Over een duurzame toekomst voor Den Haag en voor Nederland, zo schrijven ze mee aan verhalen voor alle oude en nieuwe Nederlanders.

Betrokken stadmakers
Stefaan Segaert
Medewerker VormingPlus en fanatiek fietser/blogger
reacties
reacties op dit artikel
Er zijn reacties op dit artikel
reageer
in Den Haag
reacties op dit artikel
Benieuwd wat er in New Europe gebeurt? Citiesintransition.eu