Het vergelijken van waarde en geld

Tuin in de stad Groningen moet sluiten

Dit artikel verscheen eerder op urbaninspiration.nl

Rafelranden worden ze genoemd. Plekken waar de stad voorlopig niets mee kan. Zo kent ook de stad Groningen diverse plekken die, vooralsnog tijdelijk, geen geplande invulling krijgen. De voormalige suikerfabriek is zo’n bekende plek. Een andere is ‘Tuin in de stad’, een groen en sociaal project aan de spoorlijn tussen Groningen en Leeuwarden. Maar ‘Tuin in de stad’ moet weg, want ‘tijdelijk’.
Een blog over worsteling met onvergelijkbare waarden.

Als groen sociaal wordt
Frans Kerver en Vivian van ’t Hoenderdaal huren vanaf april 2009 het 3.450 m2 grote voormalige boomkwekerij aan de Groningse Friesestraatweg 137. De kwekerij was na ruim 40 jarig bestaan failliet gegaan en zij begonnen daar hun ‘Tuin in de stad’.
Vrijwel tegelijkertijd werden op het stadhuis plannen gemaakt voor een bebouwde toekomst van de plek: een kleine unit van ‘grondgebonden woningen’, experttaal voor huis-met-tuin.
Maar de malaise op de woningmarkt sloeg toe, en de termijn van tijdelijk gebruik werd steeds verder verruimd. Na verloop van tijd werd de huurovereenkomst omgezet in een gebruiksovereenkomst, voor gebruik om niet (kosteloos).

Als een tijdelijk initiatief waarde ontwikkelt
Steeds meer realiseren wij ons, burgers en bestuurders, dat tijdelijk gebruik niet vrijblijvend is. Natuurlijk moet de afgesproken gebruiksperiode door de initiatiefnemers worden gerespecteerd. Het met juridische middelen bestrijden van een naderende einddatum, maakt grond- of vastgoedeigenaren kopschuw om elders soortgelijke tijdelijke experimenten toe te staan.
Echter als de gemeente, lees de gemeenschap, de eigenaar van een bepaalde plek is, ligt dat anders. Grond is een kapitaalgoed in handen van de gemeenschap, net zoals de ontvangen belastinggelden. Het doel van belastinggeld is niet rendement maken, maar het faciliteren van de samenleving. Als met datzelfde belastinggeld, grond of vastgoed wordt aangekocht, verandert deze maatschappelijke opdracht niet. Gemeenschapsgrond, moet maatschappelijke doelen dienen. Dat kan woningbouw zijn, een aan te leggen autoweg, een sociaal effectief burgerinitiatief, maar nooit alleen een maximale opbrengst.
Bestuurders die dat wel doen, zijn waarschijnlijk dezelfde die belastinggeld stalden bij de IJslandse Icesave Bank en daar kostbaar belastinggeld verspeelden.

Onderzoek naar opgebouwde waarden
De gemeente Groningen zag de ontwikkelde sociale waarde en voelde dat zij dit initiatief niet zomaar, met beroep op de gebruiksovereenkomst, ter zijde kon schuiven.
Zij vroeg daarom Bob Bergsma en Jochum Deuten om een onderzoek te doen naar die ontstane sociale waarden en hoe dat in geld (blijft de hoogste ethische norm) is uit te drukken.
De onderzoekers kwamen met een gedegen en uitgebalanceerd onderzoek.

Een paar van hun observaties (in eigen bewoordingen):

  • de stad moet een afweging maken over dit type tijdelijke initiatieven: is het een pauzenummer in afwachting van betere tijden voor verkoop van grond of vastgoed of kunnen tijdelijke initiatieven dienen als vliegwiel voor nieuwe sociale en ruimtelijke ontwikkelingen in een buurt?
  • wil je de bewoners benaderen met formele overeenkomsten, met scherp oog voor het gelijkheidsbeginsel of als een volwaardige partner waarbij maatwerkoplossingen nodig zijn om de burger te faciliteren?

Tijdelijkheid is in veel gevallen ook een manier van stedelijke ontwikkeling, zo gaat het onderzoeksrapport verder, waarbij tijdelijke invullingen uiteindelijk kunnen leiden tot transformatie of herbestemming.
Het rapport signaleert dat de gemeente diverse beleidsintenties in het sociale domein heeft die zij via gesubsidieerde instituties (met wisselend succes, red.) tracht te realiseren.
De initiatiefnemers lijken deze doelstelling zonder inhoudelijke aansturing, en zonder subsidie, ongepland toch voor een aanzienlijk deel te realiseren. Het gaat daarbij om het bij de samenleving betrekken van burgers die om uiteenlopende redenen buiten de boot vallen.

Raad besluit ‘Tuin in de stad’ moet weg
In een raadsvergadering, afgelopen week, is naast het boven aangehaalde onderzoek, de brief van het college aan de gemeenteraad ter sprake gekomen.
Het college erkent daarin zonder voorbehoud de in de Tuin van de Stad tot stand gebrachte waarde. Zij stelt verder “Leegstand is slecht voor de stad. Het heeft invloed op de omgeving, verloedering en gebrek aan sociale veiligheid zijn vaak het gevolg. Tijdelijk gebruik biedt kansen voor startende bedrijven en activiteiten die op een reguliere wijze financieel niet haalbaar zijn.”
Verder stelt het college: “Het oorspronkelijke initiatief van Tuin in de Stad heeft zich ontwikkeld van het verkopen van planten en kerstbomen tot wat het nu is, met sociale en educatieve activiteiten meteen duidelijke maatschappelijke waarde en opbrengst. Een bijzondere plek waar groepen en individuen kunnen experimenteren en tot ontplooiing kunnen komen. Wij waarderen de inzet van alle betrokkenen die daar aan meewerken. Duidelijk is dat Tuin in de Stad een aanzienlijke maatschappelijke waarde vertegenwoordigt. Dat het initiatief zo maar zou eindigen is wat ons betreft niet aan de orde.”
Ondanks deze lovende woorden stelt het college dat ” ‘Tuin in de Stad’ dus (!) plaats moeten maken, zoals dat eerder is afgesproken. De belangrijkste overwegingen bij dit besluit zijn het besef dat geschikte binnenstedelijke woningbouwlocaties zeer schaars zijn en het feit dat naar ons idee Tuin in de Stad heel goed (!) op een andere (niet voor woningbouw geschikte) locatie kan herstarten.”
Echter, vervolgt het college: “De waarde van Tuin in de Stad is wat ons college betreft zodanig dat we een serieuze bijdrage in de verplaatsings- en herstartkosten mogelijk willen maken. De te verwachten grondopbrengst biedt hier ruimte voor. Of de initiatiefnemers van dit aanbod gebruik willen maken is aan hen.”
Met die laatste toevoeging is de gemeente Groningen vele andere gemeenten mijlenver voor. Immers de gebruikelijke praktijk is dat initiatiefnemers na ommekomst van de tijdelijkheid berooid en roemloos worden uitgezwaaid.

Conclusie
Zoveel is duidelijk: Tuin in de Stad doet iets met haar omgeving, niet alleen in de visuele zin, maar ook in mentale zin. Het is de voegenvuller voor de kieren in onze overgereguleerde samenleving waarin we denken dat alles te regelen is en dus maakbaar. Maar een samenleving dat geld niet alleen als handig ruilmiddel, maar ook als meetpunt voor al haar beslissingen neemt, laat forse gaten vallen in het sociale weefsel van de gemeenschap.
Initiatieven als Tuin in de Stad geven met hun open-eind-denken ruimte aan het toeval, zo hard nodig om zich passend te maken aan de veranderende behoeften van haar sociale omgeving. Het is een alternatief voor al die goed bedoelde geprotocolleerde burgerparticipatie-projecten van een overheid op zoek naar de burger en daarmee haar eigen bestaansrecht. Zoek niet verder, en fasciliteer je stad of dorp voor het toeval van open-eind initiatieven.
De Tuin in de Stad kun je gerust het Toeval in de Stad noemen, dat een duurzame toekomst verdient en support van de gemeenschap.

reacties
reacties op dit artikel
Er zijn reacties op dit artikel
reageer
in Groningen
reacties op dit artikel
Benieuwd wat er in New Europe gebeurt? Citiesintransition.eu