Samen leren co-creëren

Startbijeenkomst leernetwerk Het Nieuwe Stadmaken

“Ons initiatief gaat dwars door de systeemwereld. We passen niet in een hokje. Hoe kunnen we dat anders indelen?”

Op woensdag 19 april kwamen Stadmakers bijeen in Pakhuis de Zwijger voor de start van Het Nieuwe Stadmaken. Een leernetwerk dat zich voornamelijk richt op de veranderende rol en positie van de ‘civil society’, de actieve burgers en sociaal ondernemers ten opzichte van reguliere institutionele systemen en besluitvormingsprocessen.

Tijdens de eerste bijeenkomst van het leernetwerk stond de ontmoeting van de deelnemende steden en hun praktijken voor het leernetwerk centraal. De steden stelden zich voor aan de hand van een korte pitch over de praktijken (een gebied, buurt, gebouw of zorg-energie coöperatie) die de komende twee jaar gelden als experimenteergebied binnen het leernetwerk. Het Nieuwe Stadmaken is samengesteld vanuit de steden Amsterdam, Den Haag, Dordrecht, Enschede, Haarlem, Lelystad, Nijmegen, Parkstad en Roeselare, de overheid (ministerie van I&M), maatschappelijke organisaties (de coöperatieve samenleving) en kennisinstellingen (Hogeschool Rotterdam), gebaseerd op de quintuple helix, zoals ontwikkeld door Christian Iaione in LabGov.

Coalitie van kernspelers in stedelijke transitie (quintuple helix)

De praktijkvoorbeelden richtte zich onder andere op transformatie van vastgoed, gebiedsontwikkeling, buurtbegrotingen en -budgetten, zorg en circulaire economie. In deze praktijken werken social innovators en de gemeente vaak samen aan innovatieve oplossingen op maatschappelijke vraagstukken. Deze samenwerking brengt nieuwe uitdagingen met zich mee want wie is er verantwoordelijk om te zorgen dat niemand buitengesloten wordt en wie is er aansprakelijk wanneer er iets mis gaat? Het ‘creatieproces moet op een nieuwe manier vormgegeven worden. Deze nieuwe governancestructuren moeten niet vanuit een blauwdruk ontwikkeld worden maar vanuit het experiment en de praktijk.

“Het is goed om afspraken te maken met elkaar. Hoe gaan we dit doen? Welke rol neemt iedereen in. Een deel van de ontdekkingstocht is ‘hoe gaan we samenwerken?”

Introductie van Egbert Fransen (directeur Pakhuis de Zwijger)

Aan tafels gingen de Stadmakers vervolgens dieper in op de vraag waaraan ga je de komende twee jaar aan werken en vooral hoe? En voor welke uitdagingen sta je?

“De uitdaging is om binnen het initiatief het collectief overeind te houden, ‘volhoudbaarheid’. Ten tweede is het lastig om alle neuzen een kant op te laten wijzen en samen iets te bereiken”

Elke deelnemer van het leernetwerk loopt weer tegen andere dingen aan. Er is dan ook een grote vraag om te kijken hoe anderen omgaan met problemen, en daarvan te leren.

“Je moet eerst kunnen samenwerken. De rollen liggen nog zo ver uit elkaar, er is discussie nodig over verantwoordelijkheid en mogelijkheden”

Uit de eerste bijeenkomst blijkt dat burgerinitiatieven hele andere voor en nadelen met zich meebrengt in vergelijking met gecentraliseerde diensten. Zo zijn burgerinitiatieven soms sneller, beter en goedkoper. Daartegenover staat dat het een nieuw domein is waar geen regelgeving voor bestaat, een versnippering kan ontstaan, en oneerlijke concurrentie tegenover bestaande instanties.

“Bij nieuwe initiatieven is het onbekend wat eruit komt. Vanuit het financieringsperspectief is dit high risk”

De (financiele) waarde van initiatieven is een terugkerend thema:

“Ons initiatief blijkt niet duurzaam, het is niet te doen op vrijwilligersbasis. Hoe kan je de (geld)waarde uitdrukken en communiceren?”

Tot aan de zomer worden de praktijken definitief geformuleerd en het ecosystemen in kaart gebracht. Er wordt verder ingegaan op wie de betrokken stakeholders zijn, wat de opgave is en hoe het tijdsproces er uit ziet.

“Het is de uitdaging dat iets niet stilvalt na een experiment”

Leernetwerk Het Nieuwe Stadmaken

Onze samenleving ondergaat fundamentele veranderingen; transities op vele vlakken zoals energie, huisvesting, zorg, voedsel, grondstoffen, economie en ga zo maar door. Daarin verandert niet alleen de hardware, zoals zonnepanelen die kolencentrales vervangen, maar ook de software en programmering: de manier waarop onze steden worden gemaakt en de rol die de verschillende partijen (burgers, sociaal ondernemers, de gemeente, bedrijven, kennisinstellingen et cetera) daarin spelen.

De transities van deze tijd verlangen nieuwe governancestructuren. Verantwoordelijkheden, bevoegdheden en middelen worden op een nieuwe manier vormgegeven. Kenmerkend voor deze tijd is dat deze niet als een blauwdruk kunnen worden ontworpen en geïmplementeerd, maar vanuit het experiment en de praktijk moeten worden ontwikkeld. Dat houdt logisch verband met de complexe netwerktechnologieën die onderdeel zijn van de transities, zoals internet, social media of digitale productie. En ook met de sociale, maatschappelijke en economische ontwikkelingen die daar mee hand in hand lopen, zoals individualisering, digitalisering, verlies van vertrouwen in politiek, opkomst van bottom-up en doe-het-zelf beweging, of decentralisatie en participatie.

Vanuit de ingebrachte praktijken van de deelnemende steden gaan we de komende twee jaar nieuwe governancestructuren ontwikkelen door te leren van elkaars praktijken tijdens de Stadexpedities en bijeenkomsten, van buiten het netwerk met workshops gericht op de leergebieden: samenwerking, financiering, inclusiviteit en verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid. Ook is het leernetwerk onderdeel van een overkoepelend onderzoek.

reacties
reacties op dit artikel
Er zijn reacties op dit artikel
reageer
in Nederland
reacties op dit artikel
Benieuwd wat er in New Europe gebeurt? Citiesintransition.eu