Wij maken de stad door ons dagelijks leven

Hoe om te gaan met de veranderende verhoudingen tussen kunst en de stad?

Op 10 november 2016 vond onder de titel U staat hier: De kunst, de stad en de toekomst bij ArtEZ Zwolle een Studium Generale plaats met workshops en lezingen. Kunstenaars, cultuurprofessionals en wetenschappers gingen samen met de deelnemers op zoek naar de gevolgen van de snelle verstedelijking. Wat zijn de sociale, ecologische, economische en andere uitdagingen? En welke strategieën voor de toekomst zijn er mogelijk?

Steeds meer kunstenaars uit verschillende disciplines en crossovers zien de stad als een laboratorium. Zij hanteren een breed scala van benaderingen waarvan er tijdens het Studium Generale een groot aantal de revue passeerden. Zo stellen sommige kunstenaars zich de vraag hoe met kunst kan worden ingegrepen in de publieke ruimte. Hoe kunnen verlaten plekken van de stad weer leefbaar worden gemaakt, hoe kunnen geluiden van de stad worden verzameld om er een soundscape mee te maken − een monument van en voor de stad −, of hoe nieuwe verhalen over de stad kunnen worden gecreëerd?

Andere kunstenaars richten hun aandacht op de toekomst van de stad. Want wat is gezonde verstedelijking? De ruimtelijke opgave van nu gaat niet alleen over stadsuitbreidingen, de aanleg van pleinen of straten en gebouwen, maar over een vitale economie, sociaal-culturele verbindingen, de energietransitie, krimp en leegstand, meent architect en lector Future Urban Regions Eric Frijters. En hoe zouden toeristen bijvoorbeeld kunnen bijdragen aan de circulaire stad en samen met de lokale bevolking een gezonde omgeving creëren die een positief effect heeft op het welzijn van mensen? Hoe staat het met kleinschalige, lokale stadsontwikkeling? En met de Gewildgroeibeweging, die spontane vegetatie in de stad bepleit om zo de broodnodige natuur meer ruimte te geven.

Weer andere kunstenaars bekommeren zich om de rol van kunst in de openbare ruimte. Hebben kunstenaars een nieuw profiel nodig om daar een bijdrage aan te kunnen leveren? Tijdens het Studium Generale kwamen meerdere visies op die rol naar voren. Te onderscheiden waren: kunst die de nieuwsgierigheid opwekt en uitdaagt, kunst die procesgericht is, en kunst die zoekt naar een nieuwe verhouding met de samenleving en het publiek meer betrekt bij de processen van creatie en betekenisproductie (cocreatie). De grenzen van deze categorieën zijn fluïde.

Kunst die de nieuwsgierigheid opwekt en uitdaagt

Kunst, stelde schrijver en journalist Chris Keulemans, kan raadselachtig zijn, door zijn betekenis niet in een keer prijs te geven, multi-interpretabel zijn. Dat is bijvoorbeeld het geval met het knalrode kunstwerk van Alfred Eikelenboom in Amsterdam-Noord: De Muur (1987). Het werk meet 5 bij 13 meter, vertoont trompetachtige gaten en afgeronde hoeken en scheidt de oudbouw van de nieuwbouw (van OMA/Rem Koolhaas). Hoe kun je naar dit kunstwerk kijken? Wat betekent het? In de volksmond wordt De Muur wel ‘een staande vergiet’ of ‘een klaagmuur’ genoemd. Maar misschien verwijst het naar een werf, of iets anders? En waarom blokkeert de muur het uitzicht op het IJ?

Een ander voorbeeld dat tot nadenken stemt is het werk van graffitikunstenaar/straatdichter Laser 3.14. Laser 3.14 gebruikt de stad Amsterdam als zijn lei. In een paar woorden vertelt hij een verhaal op plekken waar de stad onder constructie is, op schuttingen en bouwplaatsen. Enkele bekende teksten zijn: ‘Let me know the rules so I can ignore them’, en ‘Are you reading me?’. Laser 3.14 vertrouwt op de kracht van zijn woorden. Toen zijn relatie uitging en hij zijn verdriet via graffitti kenbaar maakte, lag zijn persoonlijk leven letterlijk op straat. Andere graffitikunstenaars reageerden erop, bijvoorbeeld met: ‘Yo, Laser, what’s up?’

Acteur, schrijver, beeldend kunstenaar en theatermaker Benjamin Verdonck ontregelt juist de openbare ruimte. Zo woonde hij een week in een gigantisch ‘vogelnest’ dat hij op 32 meter hoogte aan het kantoorgebouw de Weenatoren in Rotterdam had gehangen. Het vogelnest, met als titel Hirondelle/Dooi vogeltje/The Great Swallow (2004), had al eerder in Brussel en Birmingham gehangen, op dezelfde hoogte, ook in een zakelijke, no-nonsense omgeving. Een ander werk, Drek en veren (2015), laat een kleiner vogelnest zien, compleet met vogelpoep op de gevel en de grond eronder. Dit werk reisde ook langs diverse gebouwen, waaronder de Rotterdamse Schouwburg en Paleis Soestdijk. Het riep felle reacties op, van bezoekers en personeel.

In een fysiek gepolijste en georganiseerde stad verdwijnen de mensen achter façades, is niet langer zichtbaar hoe de stad is opgebouwd en werkt. Er is geen nieuwsgierigheid, geen behoefte aan uitdaging of vernieuwing, stelde Chris. Hij pleitte daarom voor kunst in de openbare ruimte die geestig, of kritisch commentaar levert op de bestaande cultuur en deze bevraagt, tot de verbeelding spreekt, de openbare ruimte overneemt en menselijk maakt.

ustaathier2

Kunst als proces

De stad heeft een identiteitsvormende kracht, aldus Erwin Jans, dramaturg en schrijver. De condition humaine valt steeds meer samen met de condition urbaine. In de stad wordt de beschaving gevormd en op de proef gesteld. Hier dienen de conflicten en de mogelijkheden van de geglobaliseerde wereld zich aan, is zijn stelling. Wat betekent dat? Kunnen mensen nog wel thuis-zijn in de stad? Niet iedereen is daarvan overtuigd, aldus Erwin. In verschillende films wordt bijvoorbeeld een negatief beeld over de stad verspreid, zoals in het post-apocalyptische I am legend waarin door een plaag een groot deel van de mensheid is gedood en de rest tot monsters transformeert. De filosoof Lieven de Cauter constateert dat er in en rond de stad allerlei ‘capsules’ ontstaan, van gated communities tot detentiekampen voor immigranten en shopping malls. Socioloog en cultuurtheoreticus Stuart Hall signaleert juist allerlei contactzones in de stad, waarin vriendschappen worden gevormd wat zorgt voor onderlinge verbinding. Eric Corijn, historicus, is er zelfs van overtuigd dat alleen de stad de wereld kan redden. Hoe kan kunst daaraan bijdragen? De uitdagingen lijken immers groter en moeilijker dan ooit. Wie de stad echter beschouwt als een free space, zegt Erwin, ontdekt allerlei mogelijkheden. Veel kunstenaars die dat doen, maken geen objecten meer, hun aandacht verschuift naar het proces als kunstwerk. Een kunstenaar die dat al vroeg deed, was Joseph Beuys die op de Documenta in 1982 een kunstwerk lanceerde dat bestond uit het idee 7000 eiken te planten, waarbij naast elke eik een basaltblok in de grond werd gestoken. Het was een ecologische interventie als antwoord op de voortschrijdende urbanisatie. Op die manier wordt de kunstenaar een publiek werker, een persoon die openbaarheid creëert. Er ontstaat een nieuwe openbaarheid, kunst als openbare ruimte, om met filosoof Henk Oosterling te spreken.

Hedendaagse kunstenaars zijn geëngageerd, betrokken op de stad, werken samen met collega-kunstenaars, de bewoners, en concentreren zich op relationele processen. Het is een belangrijke vraag voor de toekomst hoe cultuurproducerende instellingen aan een dergelijke nieuwe openbaarheid kunnen bijdragen. Hoe kunnen zij zich vanuit nieuwe behoeften en vragen herdefiniëren, zonder geïnstrumentaliseerd te worden of zichzelf te instrumentaliseren, vraagt Erwin zich af. Hoe kunnen ze hun autonome kracht behouden en zich toch actief engageren in een snel veranderende samenleving? Hoe kunnen kunstinstellingen plekken van de verbeelding en van het mogelijke blijven en toch een directe dialoog aangaan met de realiteit?

Erwin Jans laat impliciet ook zien dat, nu eigentijdse kunst op een andere dan de traditionele manier tot stand komt, in de meest uiteenlopende netwerken, dat impliciet tot gevolg heeft dat het concept van kwaliteit aan uitbreiding toe is, en nieuwe woorden gevonden moeten worden om de nieuwe kunstuitingen te beschrijven.

Kunst die zoekt naar een nieuwe verhouding met de samenleving

In het debat over kunst en openbaarheid passen ook de actuele discussies over diversiteit, toegankelijkheid, publieksbereik en cocreatie die getuigen van een behoefte aan een nieuwe verhouding met de samenleving en het publiek. Het New Yorkse Circus Amok houdt zich al jaren actief bezig met die vragen. Opgericht in 1989 door performancekunstenaar, schrijver en docent Jennifer Miller, verzorgt Circus Amok met een mengeling van circus en theater al vele jaren gratis openluchtoptredens in de parken van New York. De thema’s die worden aangesneden, zo vertelt Miller, wisselen jaarlijks en zijn politiek van aard, zoals gentrificatie, huisvesting, gezondheidszorg, de oorlog in Irak, het homohuwelijk, immigratie, politiegeweld, en het openbaar onderwijs. Door de felgekleurde theaterkostuums met lovertjes jurken, lichtgevende pruiken, korsetten, gestreepte en polkadot shorts, korsetten, muziek en een levendig decor wordt volgens Jennifer een sfeer gecreëerd waarin dergelijke thema’s kunnen worden aangesneden. Dankzij de gekoesterde outsider status ontstaat een ander soort werkelijkheid die naar haar idee voorwaardelijk is. Geluiden van buitenaf, zoals autoradio’s, de ijscoman, een achtbaan worden verwelkomd en in de show opgenomen. ‘De stad is ons thuis, en wij maken de stad door ons dagelijks leven’ zegt Jennifer, ‘eerder dan dat wij werken in een gecreëerde omgeving. Circus Amok is een queer/gender heiligdom waarin een wereld wordt gecreëerd waarin wij willen leven.’

Circus Amok spreekt de meest uiteenlopende mensen aan, jong en oud, kunstzinnig en niet kunstzinnig, Chinees, Russisch, Afro-Amerikaans. Jennifer probeert uitdrukkelijk het publiek via discussie en soms provocatie bij de voorstelling te betrekken, wat niet altijd eenvoudig is. Ze constateert echter dat het New Yorkse publiek aan het veranderen is, als gevolg van de gentrificatie. Het publiek wordt witter en jonger. Het wordt bovendien moeilijker voor sommige parken nog een speelvergunning te krijgen, voor een deel omdat de voorkeur wordt gegeven aan commerciële activiteiten, zoals food festivals.

U staat hier: De kunst, de stad en de toekomst werd afgesloten met presentaties, performances en muziek. Het Studium Generale deed verslag van een momentopname in de eigentijdse verhouding van kunst tot de stad en de toekomst, een verhouding die aan het verschuiven is, zoals ook het kunstbegrip in transitie lijkt te zijn. Er wordt volop verkend wat het kunstbegrip ook kan zijn, een verkenning die voorlopig nog niet is afgerond.

reacties
reacties op dit artikel
Er zijn reacties op dit artikel
reageer
in Zwolle
reacties op dit artikel
Benieuwd wat er in New Europe gebeurt? Citiesintransition.eu